Hoe herken ik een verslaving?



Het proces van verslaafd raken bestaat uit 4 fasen.

Fase 1: de experimenteerfase. Uit nieuwsgierigheid probeert iemand een bepaald middel uit, vaak op jonge leeftijd.

Fase 2: het sociaal of geïntegreerd gebruik. Iemand gebruikt het middel vanwege de positieve effecten en kan het gebruik zo in zijn leven inpassen dat hij er geen last van heeft.

Fase 3: overmatig en schadelijk gebruik. Iemand gebruikt het middel niet meer alleen vanwege de positieve effecten, maar ook om er problemen mee te verdrijven. Bovendien gebruikt hij steeds vaker of meer dan hij van plan was.

Fase 4: de verslavingsfase. Vrijwel het hele leven wordt door het gebruik beheerst. Er zijn schadelijke gevolgen op lichamelijk, psychisch en sociaal gebied.

 

De verschijnselen wisselen sterk per type verslaving. Ze zijn onder te verdelen in psychische, lichamelijke en sociale verschijnselen.

 
Psychisch

  • Vrijwel voortdurend aan het middel denken en de drang om het te gebruiken niet kunnen weerstaan.
  • Elke keer meer en vaker gebruiken dan voorgenomen.
  • Iemand gaat door, terwijl hij zich bewust is van de kwalijke lichamelijke of geestelijke gevolgen.
  • Eerdere stoppogingen zijn mislukt.
  • Verslaafden hebben eerder last van angst, depressie, verwardheid en psychoses.
  • Wanneer iemand stopt raakt hij snel geïrriteerd, voelt hij zich diep ongelukkig en verveelt hij zich. Dit maakt opnieuw beginnen heel verleidelijk.

Lichamelijk

  • Tolerantie. Dat wil zeggen dat iemand steeds meer nodig heeft om hetzelfde effect te bereiken,
  • Onthoudings/ontwenningsverschijnselen: bij stoppen krijgt iemand klachten als hoofdpijn, trillen, slapeloosheid, transpireren, maag- en darmklachten( zoals misselijkheid), rusteloosheid en soms zelfs (tijdelijk) geheugenverlies, zoals een delier. De meeste onthoudingsverschijnselen zijn binnen 14 dagen na het stoppen verdwenen.
  • Afhankelijk van het type verslaving kunnen lichamelijke gevolgen optreden die meestal ernstiger worden naarmate de verslaving langer heeft geduurd. Te veel alcohol kan leiden tot een hoge bloeddruk, ontstekingen van de maag en de alvleesklier (met suikerziekte als gevolg), vergroting en verharding van de lever, hersenbeschadiging, hartklachten, impotentie, diverse typen kanker en de Ziekte van Korsakow. Heroïneverslaving kan, met name door onveilige spuiten, leiden tot lever-, long en aderontstekingen, abcessen, hartaandoeningen, aids en hepatitis B of C. Cocaïneverslaving kan leiden tot longproblemen en ernstige hartproblemen. XTC en andere oppeppende middelen kunnen leiden tot oververhitting, uitdroging en hersenbeschadiging. De lichamelijke gevolgen van tabak zijn overbekend: hart- en vaatziekten en longkanker.

Sociaal

  • Veel verslaafden ontkennen hun verslaving of proberen die geheim te houden voor de omgeving.
  • Liegen en problemen verbergen.
  • Conflicten thuis, op het werk of met vrienden.
  • Sociaal isolement: sociale contacten verwaarlozen of uitgesloten worden door anderen.
  • Schulden maken, met name bij verslaving aan harddrugs en gokken, maar ook bij alcoholverslaving.
  • Crimineel gedrag om snel aan geld te komen.